25 januari 2021

Borssele windparken staan als een huis

Door Paul Schaap

Zonder enig ceremonieel vertoon heeft ontwikkelaar Ørsted op 27 november 2020 voor de Zeeuwse kust Borssele I en II in gebruik genomen. Een windpark met een gezamenlijke capaciteit van 752 MW. De officiële ingebruikname van het park zal vanwege COVID-19 op een later tijdstip plaatsvinden. Daarnaast zal binnenkort ook Borssele III en IV in gebruik worden gesteld. Dit meldt Blauwwind, het consortium dat dit 731,5 MW windpark heeft ontwikkeld. Op 26 november is hiervoor het offshore-installatiewerk afgerond. Verder meldt Two Towers, het consortium dat Borssele V heeft ontwikkeld, dat dit 19 MW innovatiepark inmiddels ook in bedrijf is gesteld.

De aanbestedingen voor Borssele I en II hebben al in 2016 plaatsgevonden. Beide werden gewonnen door Ørsted (voorheen DONG Energy) die vervolgens voortvarend aan de slag ging om bij Westkapelle, op circa 23 kilometer uit de Zeeuwse kust, het grootste windpark in de Nederlandse kustwateren te realiseren. Ørsted besloot beide kavels als één park te gaan ontwikkelen. Op 5 juli 2017 werden in totaal 94 Siemens Gamesa windturbines van elk 8 MW besteld. Hiermee zou de capaciteit van Borssele I en II op in totaal 752 MW uitkomen. Het installatiewerk werd uitbesteed aan het DEME Offshore. Deze Belgische onderneming liet haar hefschip Innovation de benodigde fundatiepalen (monopiles) ophalen bij de terminal van Sif op de Tweede Maasvlakte om ze daarna in zee te installeren. Dit werk ging in januari 2020 van start en kon begin juni worden afgerond. Vervolgens kwamen de hefschepen Sea Installer en Sea Challenger van DEME Offshore in actie om de windturbines verder af te bouwen. Gelijktijdig zette Van Oord haar kabellegger Nexus in om de energiekabels in het park aan te leggen. Deze werden vervolgens met de trencher Dig-It twee meter diep de zeebodem in gegraven. Dit werk was in augustus 2020 gereed en op 2 september rondden de beide hefschepen het laatste stukje installatiewerk af. Omdat ondertussen met het kraanvaartuig Seaway Strashnov ook de jacket en de topside (bovenbouw) van het transformatorplatform Borssele Alpha in het windenergiegebied waren geïnstalleerd, konden de 94 windturbines hierop worden aangesloten. HSM Offshore in Schiedam had het transformatorplatform gebouwd naar een ontwerp van Iv-Oil & Gas uit Papendrecht. Dit gebeurde in opdracht van netwerkbeheerder TenneT, die verantwoordelijk was voor de aansluiting van de windparken op het landelijk hoogspanningsnet. Om de energie vanaf het Borssele Alpha transformatorplatform naar de vaste wal te krijgen, moesten twee zogeheten energie-exportkabels van 220 kVAC naar de Zeeuwse plaats Borssele worden aangelegd. Een flink deel hiervan kwam door de Westerschelde te liggen. Dit legwerk besteedde TenneT uit bij Boskalis Subsea Cables & Flexibles, terwijl NKT de twee elk 61 kilometer lange kabels aanleverde. Voor het benodigde baggerwerk zette Boskalis de grote sleephopperzuiger Prins der Nederlanden en de kleinere zuiger Causeway in. De kabels werden door de tot kabellegger omgebouwde zwareladingponton Giant 7 door de Westerschelde gelegd en op de plek waar de kabels op 60 meter diepte de vaarweg De Honte kruisten, voorzag de steenstorter Rockpiper ze met een beschermende afdeklaag. Het kabelgedeelte op zee werd door de kabellegger Ndurance gelegd en met de sleuvengraver Trenchformer ingegraven. De aanlanding van de beide energie-exportkabels bij Borssele werd verzorgd door VLCV. Dit samenwerkingsverband van Van Leeuwen en C-Ventus paste hiervoor een direct drill methode toe.

Borssele I en II is zo ontworpen dat het windpark een levensduur heeft van dertig jaar. De waterdiepte ter plaatse bedraagt tussen de 14 en 36 meter. Het park kan per jaar aan ruim 1 miljoen Nederlandse huishoudens stroom leveren. Volgens Ørsted is Borssele I en II op tijd en binnen budget opgeleverd. Voor het uitvoeren van inspectie-, reparatie- en onderhoudswerk aan de windturbines is in Vlissingen een onderhoudsbasis opgezet.

Borssele III & IV

De tweede ontwikkelaar die in het windenergiegebied voor de Zeeuwse kust aan de slag mocht, was het Blauwwind consortium. Dit uit de Partners Group, Shell, Eneco, Diamond Generating Europe en Van Oord bestaande samenwerkingsverband won de aanbestedingen van dit eveneens uit twee kavels bestaande windpark. Voor de aanleg ervan werden in totaal 77 MHI Vestas turbines besteld, elk met een capaciteit van 9,5 MW. Hiermee kwam de totale capaciteit op 731,5 MW. Partner Van Oord nam met haar hefschip Aeolus de installatie offshore van de turbines voor haar rekening. Hiervoor moesten ook nu weer de monopiles bij de Sif terminal op de Tweede Maasvlakte worden opgehaald. En de aanleg van de kabels in het park werd wederom verzorgd door de kabellegger Nexus. Eind november 2020 was al het werk gereed. Ook voor Borssele III en IV verzorgde TenneT de netaansluiting op zee en leverde HSM Offhore naar een ontwerp van IV-Oil & Gas het transformatorplatform. Dit Borssele Beta platform werd door het kraanvaartuig Seaway Strashnov in zee geïnstalleerd. Net als voor Borssele I en II legde Boskalis met de Giant 7 de energie-exportkabels naar de vaste wal aan. Het gedeelte in zee kwam voor rekening van de kabellegger Ndeavour die was uitgerust met de sleuvengraver CBT2400. Voor de aanlanding tekende ook deze keer het samenwerkingsverband VLCV. Tot slot legde Boskalis nog een kabelverbinding van 7 kilometer aan tussen de beide transformatorplatformen.

Nog niet genoemd zijn het accommodatieplatform Seafox 7 dat bij de inbedrijfstelling van beide platformen werd ingezet en de serie kleinere werkschepen van Helderse rederijen als Acta Marine en Vroon Offshore Services die tal van hand- en spandiensten verrichtten. Daarnaast werden tijdens de aanleg van Borssele III en IV door DHSS vanaf Den Helder Airport helikopterdiensten verleend.

Borssele V
Tussen de twee eerdergenoemde parken was nog een kleine kavel beschikbaar voor de aanleg van een innovatiepark. De aanbesteding van deze kavel, Borssele V geheten, ging op 6 april 2018 naar Two Towers. Een consortium bestaande uit Van Oord, Investri Offshore en Green Giraffe Holding. Voor dit minipark werden twee MHI Vestas turbines van elk 9,5 MW aangeschaft. Van Oord zou de aanleg van het park voor haar rekening nemen en zette hiervoor het hefschip Aeolus en de kabellegger Nexus in. Fabrikant Sif had voor één van de twee windturbines een zogeheten innovatieve slip-joint verbinding ontwikkeld waarmee de torenconstuctie in de fundatiepaal kon worden geschoven. Het aan elkaar bouten of cementeren was hierdoor niet meer nodig, wat bij de aanleg een aanmerkelijke besparing opleverde. De beide windturbines van Borssele V zijn ondertussen aangesloten op het Borssele Beta transformatorplatform. De bedoeling is dat in het minipark wordt geëxperimenteerd met speciale coatings en diverse andere zaken en dat wordt gekeken of in het park oesters kunnen worden gekweekt.

Al met al is in 2020 een formidabele prestatie geleverd met het compleet inrichten van het Borssele windenergiegebied. En dit is nog maar het begin van de inrichting van een hele reeks windenergiegebieden voor de Nederlandse kust. Dit alles gebeurt op basis van de door de Nederlandse overheid opgestelde Roadmap Windenergy at Sea 2030 die voorziet in de realisatie van in totaal 11 GW aan offshore windenergieparken in Nederlandse kustwateren in het jaar 2030.